06-21856020 mens@menscentrum.nl
valkuil 4

De toekomst invullen

Je leeft niet wat er is. Je leeft wat er misschien ooit zou kunnen komen.


Ze waren er al.

In haar hoofd.

De gesprekken, het huis, de ochtenden met koffie aan tafel. Misschien zelfs de ringen, al zou ze dat natuurlijk nooit zo zeggen. Ze was niet gek.

Alleen een beetje snel met de toekomst.

Hij zei iets kleins. Een grapje misschien, of een zin met net genoeg belofte om ergens in haar een deur open te zetten.

En daar ging ze.

Eerst nog voorzichtig. Een beeld hier, een wens daar. Maar al snel begon het verhaal groter te worden dan wat er werkelijk was.

Ze zag hoe het zou kunnen groeien. Hoe het misschien zou kloppen. Hoe hij misschien degene was bij wie alles eindelijk zacht zou landen.

Want als je verlangt naar samen, naar rust, naar een plek waar je niet steeds hoeft te raden, dan is een lege plek gevaarlijk verleidelijk.

Die vul je in.

Met hoop.
Met beelden.
Met betere versies van wat je nog niet weet.

En langzaam kijk je niet meer naar wat er echt gebeurt.

Maar naar wat het misschien kan worden.

Het begint vaak onschuldig.

Een gedachte. Een klein beeld. Een zachte hoop die alvast een stoel bijschuift.

Maar voor je het weet ben jij al bij hoofdstuk zeven, terwijl hij nog aan het rommelen is met de inhoudsopgave.

Herken je deze dromen?

Weet de prins je daar te vinden?
Hier begint het verhaal dat je later moet ontwarren.
Je bent niet de enige. En het kan anders.

Misschien gebeurt er dit.

Je probeert iets vast te houden
wat er nog niet is.

Je brein houdt van voorspelbaarheid.

Dus het maakt een verhaal
van losse signalen.

Een blik.
Een zin.
Een gevoel.

En hop!

De toekomst staat al in de steigers, met bloemen bij de voordeur.

Voor je het weet woon je in gedachten al in een kasteel waarvan je de voordeur nog niet eens hebt gezien.

Terwijl hij nog rustig rondkijkt.
Of nog buiten staat.

✦ Dat is het verraderlijke van deze valkuil

Je bent niet dom. Je bent niet zwak.
Je verlangt.

En verlangen kan prachtig bouwen.

Maar soms bouwt het zo snel dat je vergeet te kijken of de grond wel stevig is.

Je mist de kleine dingen die nu iets vertellen.

Komt hij dichterbij?
Blijft hij staan?
Is er rust?

Of ben jij degene die de kaarsen al aansteekt?

Je toekomst kan warm voelen.
Maar warmte is nog geen thuis.

Je kompas woont in het nu.

En daar moet je af en toe even naar terug.

Waar vul jij de toekomst al in... terwijl het nu nog open is?

Als je even stopt. Wat is er nu echt? En wat heeft je verlangen er alvast bijgebouwd?

"Ik trap in deze valkuil omdat..."

Aan het einde van dit hoofdstuk,
lees je nog een keer je antwoorden terug.

Assepoester liep niet vooruit.

Ze was op het bal.

Ze danste met de prins, voelde wat er gebeurde en bleef in het moment zolang het moment er was. Toen de klok sloeg, ging ze weg. Niet omdat het niets betekende, maar omdat ze zichzelf niet kwijtraakte in wat het misschien zou kunnen worden.

Ze bleef niet hangen aan de rand van de zaal om alvast de trouwjurk te bespreken.

Ze rende naar huis.

Met haar hart nog warm en haar voeten weer op de grond.

Niet de droom bracht haar bij de prins.

Maar haar aanwezigheid.

✦ ze was waar ze was


✦  Later komt later. Nu eerst jij.

Klaar voor de volgende stap?